Elzenaar, een leven langs de Eem
Bron: De Maand van Hemus, november 2003 - auteur: Jos Wassink

De naam 'Elzenaar' prijkt in grote witte letters op de lange bruine loodsen langs de Eem. Een kennismaking met Bram Elzenaar.

Zijn vader, Henk Elzenaar, was in feite Amersfoorts eerste watersportpionier. Hoewel opgeleid als bouwkundig opzichter begon hij in 1936 met de bouw van BM-zeilboten en visbootjes in de Muurhuizen in het centrum van Amersfoort.



Na de oorlog betrok hij de rechter Eemoever waar nu de loodsen zich uitstrekken vanaf de haven van de Eemkruisers tot aan de woonboten. Toen was het nog puur natuur, herinnert Elzenaar zich, veel wilgen en peppel op de dijk. Bram Elzenaar (geboren 1940) groeide op langs De Eem en tussen de spanten, platen en zeilboten in aanbouw. Het kon bijna niet anders of hij ging een technische opleiding volgen en een cursus jachtontwerp wat uitmondde in een eigen zeilbootontwerp: de Eemmeer.

Elzenaars Jachtwerf heeft zich gespecialiseerd in kleine open zeilboten zoals de BM, Spanker, Vrijheid, Schakel, Topklasse en de Solo. Zo'n driehonderd boten vonden hun oorsprong aan de Eem en dragen het rode embleem met witte letters.

Begin jaren vijftig kwam er een grote order van de Marine die kano's nodig had. Onder meer voor inzet in Nieuw-Guinea. Elzenaar heeft er nooit meer een van terug gezien, maar het was een mooie opdracht.

Later volgde nóg een grote Marine-order. Dit keer voor zeilboten van de Vrijheidsklasse, bedoeld voor instructie op de Loosdrechtse plassen. Marinepersoneel leerde daarmee de beginselen van de zeilvaart als voorbereiding voor het leven op zee. Met het bedrijf ging het in die tijd (tot de jaren 70) heel goed. De ene na de andere loods verrees en het bedrijf telde op z'n hoogtijdagen acht man personeel. Onder wie ook de drie zonen Elzenaar die allemaal in de jachtbouw zijn blijven werken. De broers hebben zich in Giethoorn en de Weerribben gevestigd. Vader Elzenaar heeft tot zijn dood in 1976 meegewerkt in de loodsen langs de Eem.

De jaren zestig en zeventig waren dus topjaren voor de werf en uit die tijd stammen ook de meeste van de glimmende bekers uit de prijzenkast. Met als opvallend hoogtepunt de Hoofdprijs van de Sneekweek 1965. Bram Elzenaar bouwde niet alleen zeilboten, hij wist er ook mee te winnen. Met de boot op de trailer trok hij in die tijd het hele land door. Elk weekend een andere wedstrijd. Aanvankelijk samen met z'n vrouw, maar toen de zwangerschap haar dat niet meer toestond nam een zwager haar plaats in.

Er verandert weinig langs de rechter Eemoever, en dat is Elzenaar ook het liefst. Niet voor niets heet zijn idyllische huisje EEMRUST. Vaste klanten komen nog steeds vanuit het hele land naar de werkplaats voor onderhoud, reparatie of stalling. Wel is het rustiger geworden. In plaats van acht man destijds werken nu alleen Elzenaar zelf en Cees van Veluw er nog.

Toen begin negentiger jaren Hemus een plek zocht aan de Eem wilde Elzenaar ze wel twee 'vakken' verhuren van de loods voor de winterstalling. Dat aanbod werd gretig aanvaard en sindsdien gedraagt Hemus zich als koekoeksjong. Steeds verder schuift de achterwand stroomafwaarts en inmiddels heeft Hemus driekwart van de loods in gebruik. En honger naar meer. Eerlijk gezegd komt Hemus als huurder Elzenaar wel goed uit. Toen de loods nog als winterberging in gebruik was betekende dat veel werk om elk najaar en elke lente de boten in en uit de stalling te brengen. Dat zou 'm nu wat teveel worden.

Nu is Hemus druk bezig een andere plek te vinden, maar wat betekent de herinrichting van het gebied Maatweg eigenlijk voor Elzenaar? Moet hij weg van de plek waar hij z'n leven lang al woont? Neen. Dat valt mee. De strook van Elzenaar valt voorlopig buiten de plannen, alleen moet hij het terrein bij eventuele verkoop wel als eerste aan de gemeente aanbieden. Elzenaar hoopt dat dat nog lang mag duren.